Onderwerp: Mediation, Strafrecht

Mediation werkgelegenheidsproject?

Afgelopen week was ik bij de feestelijke eerste algemene ledenvergadering van de Vereniging mediators in strafzaken; de VMSZ. Een jonge vereniging die het nodige werk aan de winkel heeft:

– lobbyen voor structurele financiering van mediation in strafzaken (nog steeds geen gelopen race);

– meewerken aan de introductie van mediation in strafzaken bij alle rechtbanken in Nederland;

– bijdragen aan de kwaliteit van mediation in strafzaken.

Met veel enthousiasme is het bestuur samen met de eerste lichting leden aan de slag gegaan. Een groep van ruim 100 mediators in strafzaken heeft de afgelopen twee jaar in heel Nederland in zo’n 2500 strafzaken met succes bemiddeld. Deze mediators kunnen ook verschil gaan maken bij het succesvol doorverwijzen van slachtoffers van ernstige geweldsmisdrijven naar het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Daarover ging een belangrijk deel van de VMSZ-bijeenkomst op 5 oktober. Het was een leerzame middag.

Mediators in-spé

Er klonk slechts één valse noot. Eén van de aanwezige vertegenwoordigers van een opleidingsinstituut waarschuwde het bestuur van de vereniging voor ‘de onrust’ onder vele net opgeleide mediators in strafzaken. Enerzijds omdat de kwaliteitseisen waaraan mediators in strafzaken moeten voldoen volgens de mediators-in-spé niet duidelijk zouden zijn. Anderzijds, omdat ze er als net-opgeleide mediator in strafzaken ‘niet tussen komen’ bij de rechtbanken, die bezig zijn om mediation in strafzaken op een zorgvuldige manier te introduceren en daarvoor ervaren mediators inzetten.

Om met de laatste klacht te beginnen: het is niet voor het eerst dat ervaren mediators (van de VMSZ kunnen inderdaad alleen de echt ervaren mediators lid worden) van sommige opleidingsinstituten te horen krijgen dat zij zich verantwoordelijk moeten voelen voor de kansen op de mediation-markt van de door de opleidingsinstituten vers opgeleide aspirant-mediators. Maar waarom eigenlijk?

Probleem afwentelen

Zelf leid ik ook mediators in strafzaken op. Ik verkoop deze opleiding nooit met een ‘werkgarantie’ of iets wat daarop lijkt. Natuurlijk niet. Andere opleiders zouden hun cursisten ook beter gewoon eerlijk voorlichten. Mediation in strafzaken staat in Nederland namelijk nog steeds in de kinderschoenen. Er zijn de afgelopen jaren meer dan genoeg mediators opgeleid om de komende jaren te voorzien in de doorverwijzingen vanuit het strafrechtsysteem. De opleidingsinstituten hebben de boter dus hoogst persoonlijk op de eigen hoofden gesmeerd. De instituten willen wel een centje verdienen aan het opleiden van de mediators in-spe en wentelen het (arbeids)marktprobleem vervolgens af op anderen.

De Mediationbureaus van de rechtbanken vormen op dit moment inderdaad pools van mediators, waarbinnen in koppels wordt samengewerkt aan de verwezen strafzaken. De mediators doen onderling aan intervisie en verder alles wat nodig is om kwaliteit te leveren. Dit werk wordt dus inderdaad gedaan door ervaren mediators, ondanks het feit dat de vergoeding voor mediation in strafzaken onder de kostprijs ligt (de standaardvergoeding is 400,- euro per mediation, ex BTW). Als er ruimte is voor het introduceren van nieuwelingen, dan worden ook die weer door ervaren mediators gratis meegenomen in een training on the job.

Zelf heb ik me nu op deze en op vele andere manieren een decennium lang ingezet om mediation in strafzaken van de grond te krijgen in Nederland. Zoals gezegd is het nog steeds geen gelopen race, maar het ziet er beter uit dan ooit.

Waarom moeten ervaren mediators plaats maken voor nieuwe mediators?

Waarom zouden ik en andere ervaren mediators nu opeens opzij moeten stappen voor mediators die het – ten lange leste – ook aandurven om zich te presenteren als mediator in strafzaken? Nu het erop lijkt dat het weleens zou kunnen gaan lukken? Hoe komt het toch dat mediators die hun vier- of vijfdaagse specialisatie opleiding hebben voltooid dit als een garantie op werk opvatten? Wie heeft hen wijsgemaakt dat mediation een werkgelegenheidsproject is? Ik in ieder geval niet. De opleidingsinstituten en de mediators met wie ik samen (wil) werk(en) ook niet.

Zoals een collega mediator het vorige week verwoordde: als een medicus zijn specialisatie tot cardioloog heeft afgerond, de diploma’s heeft behaald, dan gaat die cardioloog in-spé toch geen willekeurig ziekenhuis bellen en aankondigen “zo, vertel mij eens, wanneer kan ik bij jullie beginnen?” Die figuur zou toch raar worden bekeken als hij of zij daaraan toevoegt: “ja, hoor eens even, ik heb daar recht op, ik heb mijn diploma’s behaald”. Die vlieger gaat volgens mij ook niet op voor: accountants, piloten, kapsters, leerkrachten, buschauffeurs, bouwvakkers, hotelmanagers, bloemisten, elektriciens, advocaten, acteurs, en ga zo maar door. Dat zou voor mediators anders zijn?

Ellebogen-werk

Erg mild kan ik ook al niet zijn over ‘de onrust’ die kennelijk onder mediators in strafzaken in-spe bestaat over de extra eisen die de Mediationbureaus van de rechtbanken stellen aan de kwaliteit van de in te zetten mediators. Zoals blijkt uit het hoofdstuk dat ik met mijn collega-bestuurder van De Mediation Coöperatie Jent Bijlsma voor het Handboek Mediation schreef, gaan deze extra kwaliteitseisen voor mediators in strafzaken ons in ieder geval niet ver genoeg.

Want wat betekent het nou helemaal voor de kwaliteit van een mediation dat een mediator drie keer ‘meeliep’ met een ervaren mediator? Dat de mediator in-spé aan 10 zaken samen met een andere mediator moet hebben gewerkt voordat hij of zij ‘alleen’ op pad mag? Over dat alleen op pad gaan: daar ben ik als fervent voorstander van co-mediation tégen, ook als het om ervaren mediators als mijzelf gaat.

En zeg nou zelf: zou jij gerustgesteld zijn als je cardioloog, tandarts of oncoloog je toevertrouwt dat jij de elfde patiënt bent en dat begeleiding van een ervaren collega (echt, hoor!) he-le-maal-niet-meer-nodig is? Mediators die kwaliteit verwarren met ellebogenwerk, komen er bij De Mediation Coöperatie in ieder geval niet in. Wat mij betreft daarbuiten ook niet. Waarom zouden slachtoffers en verdachten met dienstverlening van twijfelachtig alooi genoegen moeten nemen? Met mediation in strafzaken als werkgelegenheidsproject voor mediators? Ik dacht het niet. En ik ben blij met een VMSZ die mediation in strafzaken als volwaardig beroep wil profileren.